Doelen voor positieve impact

Om de grootste uitdagingen van onze tijd te bestrijden en de aarde leefbaar te houden voor toekomstige generaties moeten we gaan leven binnen planetaire grenzen en naar humane principes. 

Er zijn cruciale planetaire bovengrenzen en humanitaire ondergrenzen die we niet (verder) mogen overschrijden. Per planetaire grens zijn indicatoren en een maximale hoeveelheid verbruik van deze indicatoren vast te stellen. Door per indicator als organisatie voldoende rechtvaardig bij te dragen aan reductie doelen kunnen we verdere overschrijding van planetaire grenzen voorkomen. En door zoveel mogelijk te werken naar de humanitaire doelen zorgen we dat er zo min mogelijk mensen door sociale ondergrenzen zakken. 

Deze planetaire en humanitaire doelen en budgetten gebruiken we in de impact meet-tool om te bepalen wanneer we kunnen spreken van positieve impact.

Planetaire doelen

CO2 uitstoot

Om aan het Klimaatakkoord van Parijs te voldoen wil Nederland in 2030 minstens 55% minder CO2 uitstoten dan in 1990. (Helaas stijgt de CO2 uitstoot wereldwijd en in Nederland nog steeds). In 1990 is er 229 Mton CO2 uitgestoten in Nederland, dit moet omlaag naar 103 Mton in 2030 om aan de doelen te voldoen.

In 2024 heeft Nederland 145 Mton CO2 uitgestoten. In 2030 moeten we dus 42 Mton CO2 minder uitstoten dan in 2024, dat komt neer op 7 Mton minder CO2 per jaar. Als organisatie kun je positieve CO2 impact realiseren door onderstaande jaarlijkse reductie doelen te halen.

2025 CO2-uitstoot reductie: 5,1% (o.b.v. 138 Mton)

2026 CO2-uitstoot reductie: 5,4% (o.b.v. 131 Mton)

2027 CO2-uitstoot reductie: 5,7% (o.b.v. 124 Mton)

2028 CO2-uitstoot reductie: 6% (o.b.v. 117 Mton)

2029 CO2-uitstoot reductie: 6,4% (o.b.v. 110 Mton)

2030 CO2-uitstoot reductie: 6,8% (o.b.v. 103 Mton)

Biodiversiteitsverlies

De Nederlandse en wereldwijde biodiversiteit blijft verslechteren. Terwijl er internationaal verband is afgesproken dat er in 2030 geen biodiversiteitsverlies meer mag zijn en dat 20% van de verloren natuur dan is hersteld. Om als onderneming positief bij te dragen aan dit doel lijkt een jaarlijkse impact verbetering van 20% noodzakelijk. 

Ontbossing

In 2021 hebben 140 landen afgesproken dat ontbossing in 2030 volledig gestopt moet zijn. Helaas gaat er wereldwijd jaarlijks nog steeds 8,1 miljoen hectare bos verloren (hierdoor zijn 15 miljard bomen verdwenen en is ook 3,1 miljard ton CO2 uitgestoten). Om op de route naar nul ontbossing te blijven had de ontbossing in 2023 op maximaal 4,4 miljoen hectare moeten zitten. Als we in 5 jaar naar nul ontbossing streven dan moet ook elke organisatie zijn impact op ontbossing met jaarlijks 20% verbeteren. 

Water

In 2025 was er per wereldburger 2300 liter water per dag, of 839.500 liter per jaar beschikbaar. (Deze beschikbaarheid is wel heel ongelijk verdeeld: de helft van de wereldbevolking ervaart waterschaarste). De wereldwijde beschikbare hoeveelheid water daalt jaarlijks, door oa. klimaatopwarming, met gemiddeld 3%. Als organisatie heb je positieve impact als je jaarlijks meer dan 3% waterbesparing bereikt. 

Landgebruik

In 2025 was er per wereldburger 1 hectare (= 10.000 m2) vruchtbaar land beschikbaar. In Nederland verbruiken we gemiddeld 3 tot 4 hectare per persoon aan vruchtbaar land wereldwijd, dus tot wel 400% meer dan dat er rechtvaardig beschikbaar is!

Elk jaar gaat wereldwijd ongeveer 1% van al het vruchtbaar land verloren. Dit komt neer 100 miljoen hectare verlies aan vruchtbaar land per jaar. Maar in 2050 kan volgens sommige experts zelfs 95%(!) van al het vruchtbaar land verdwenen zijn. Een organisatie moet zijn impact op landdegradatie dus minimaal met 1% per jaar verbeteren. Maar als we de Nederlandse impact in lijn willen brengen met het wereldwijde gemiddelde beschikbare vruchtbare land dan moet ons gebruik zo snel mogelijk 75% omlaag.

Grondstoffengebruik

Voor onze consumptie verbruiken we wereldwijd jaarlijks per persoon 5.824 kilo aan grondstoffen (in Nederland 31.755 kilo per persoon). Dit is bijna 2 keer zoveel dan de aarde van nature kan voortbrengen. Om een gezonde natuur en leefbare aarde te behouden zullen we ons verbruik dus minimaal moeten halveren. Als je als organisatie dit doel in 2030 wil behalen zal het grondstoffenverbruik jaarlijks met meer dan 10% moeten dalen. 

Fijnstof uitstoot

Nederland stoot jaarlijks 13,5 miljoen kilo fijnstofdeeltjes (PM2,5) uit. We voldoen hiermee al aan de Europese normen, maar nog steeds is onze uitstoot schadelijk omdat het 4 keer zo hoog is als de advieswaarde van het World Health Organization (WHO). Onze fijnstof uitstoot moet dus met ten minste 75% worden verminderd om aan de WHO advieswaarde te voldoen. Voor positieve impact als organisatie in 2030 zal je fijnstof uitstoot jaarlijks met meer dan 20% omlaag moeten. 

Stikstof uitstoot

De planetaire grens voor het gebruik van stikstof wordt in veel regio’s overschreden. Vooral in kwetsbare natuurgebieden moet de stikstof uitstoot drastisch omlaag. Momenteel wordt in 70% van de stikstofgevoelige natuur te veel stikstof neerslag waargenomen. 

De gemiddelde stikstofneerslag in de Nederlandse natuur is zo’n 40 kilo per hectare, terwijl stikstofgevoelige gebieden ongeveer 20 kilo per hectare aan kunnen. De huidige stikstof uitstoot moet in deze gevoelige gebieden dus met meer dan de helft omlaag. 

Omdat je niet precies kan weten waar jouw uitgestoten stikstof neerslaat is het in onze ogen noodzakelijk om heel Nederland (en eigenlijk de rest van de wereld) als stikstofgevoelig gebied te behandelen en je uitstoot zo snel mogelijk met minimaal de helft te verminderen. 

Ecologische doelen

Dierenleed minimaliseren

Gifstof-uitstoot minimaliseren

Microplastic uitstoot minimaliseren

Humanitaire doelen

Uitbuiting minimaliseren

Honger minimaliseren

Armoede minimaliseren

Gezondheid risico's minimaliseren

Privacy-vriendelijk internet

Wat is jouw impact?